Hotel Langweer
Niet alleen met Hemelvaart, maar ook in augustus is het goed vertoeven in het populairste aanmeerdorp van Friesland. En doordat Janette ons uitnodigde haar een paar dagen te vergezellen tijdens een campeervakantie op camping Blauw, was de keuze snel gemaakt dit weekend naar het noorden te trekken. We hadden al enige voorzorgsmaartegelen genomen, gezien de slechte weersvoorspelling, en voor zaterdag een Valkje gehuurd. Je kan beter als cocoon op het water zitten, dan in een klein, desalniettemin knus tentje.
Weer eens verlaat door werk, pikte ik Susan een uur of 6 pm en haar weekend en zeilgerei op, bij de Lierhof Inn. Tijdens de voorspoedige rit, werd er nog wat gespuid over de afgelopen werkweek, om deze perikelen vervolgens voor de rest van het weekend achter ons te laten.
Camping Blauw was snel gevonden, zo ook de heuse trekkershut die Janette had gehuurd. Gezien de weersomstandigheden was het wat abitieus in een tent te gaan camperen voor een week of 2.
De zon was met ons en Janette verwelkomde ons die avond ook met een heerlijk hapje en wijntje op het terras van haar luxe hut. Inclusief picknicktafel, voorzien van een boerenbont kleedje.
Het gekeuvel van de dames ving aan en zou pas twee dagen later, na het afscheidt verstommen.
Na het voorwijntje, volgende het hoofdwijntje voorzien van een heerlijk, eigengemaakt spagetti bolognese, die Susan als vanouds gewoon aan stuk sneed. (Moet ik toch eens wat van zeggen.)
De schemering was al gevallen, toen we eindelijk de taxi wilde oproepen om ons naar Langweer-centrum te brengen, waar een feest aan de gang was ter ere van het 750 jarige bestaan van het dorp.
Dat de camping er steeds knusser uit begon te zien, was wel te zien aan de mooie foto’s die dit tafereeltje opleverde.
Nadat taxi Henk ons had afgezet en we even een klein praatje hadden gemaakt met zus Pietie, was het sein gekomen over te schakelen op een biertje.
Al hangend aan de buitenbar, Janette had inmiddels een bekende ontdekt, hoe kan het ook
anders, werden we verrast door een geweldig optreden van ons aller Albert West!
Trappelend van ongeduld, schoven Susan en ik onszelf naar voren. Bang dat Janette ons kwijt zou raken. Maar het duurde niet lang voordat we joelend en juigend vooraan stonden, onze held een warm hard toedragend. Ach, hij had het nodig, we doen het graag voor een goede vriend. Wie kent hem niet, van het nummer ‘Is this the way to Amarillo’ (dat hij vervolgens ook wel 3 keer zong).
Na nog een biertje te hebben laten tappen en even gecontroleerd te hebben of Janette zich nog vermaakte tussen de locals, moesten we maar eens voort gaan de bar van de 3 zwaantjes in te nemen, 5 meter verderop.
Het was even wennen, ongeveer 5 minuten, voordat we de eerst semi-locals (mensen die een huisje hebben in de buurt en daardoor onderhand bij de bevolking wordt geteld), om onze vingers hadden gewonden.
Het bleken 2 singles uit Veenendaal, die daar niet waren voor een congres voor lange mannen. Niet de meest populaire semi’s in de kroeg, was al snel duidelijk. Een verdere verkennening, leverde nog wat Oldenzaaldenaren op. Die geweldig uit de maat konden dansen en ook best leuk waren om eens mee te kletsen. Al was het af en toe moeilijk te verstaan, door dat enorme accent. Maar schatjes waren het wel.
Inmiddels was Janette ook in de 3 zwaantjes beland, onder begeleiding van een semi-local. Gezellig keuvelend met de rest van haar oud dorpsgenoten in de kroeg, stoorde ze zich ook verder niet aan ons uitbundige gedrag.
Ach dat viel ook best mee... we konden niet zo heel erg goed uit de maat dansen.
De avond kwam tot een abrupt einde, toen we van kroeg wilden verwisselen, vergezelt van de semi’s en de Olden. De andere kroeg (jawel de Tapperij) mochten we niet meer in, terug dan maar naar de Zwaantjes... oei ook daar mochten we niet meer in.
Nou, genoeg gedronken, genoeg gekletst, genoeg gedanst? Ok, tijd voor taxi Henk. Achteraf bleek dat taxi Henk, met zijn busje, ook wel de enige taxi was in Langweer. Het duurde zo’n 3 kwartier (alhoewel daar de meningen nog over zijn verdeeld), voordat hij ons oppikte, samen met nog ontelbare andere jongelui.
Met z’n 3-en voorin, ondertussen de overbezette taxitelefoon beantwoordend , werden we gelukkig wel als eerst blauw afgezet op de camping. Met een welkome nachtrust in het vooruitschiet.
Bij het krieken van de dag, gingen de oogjes weer open. Het aantal slaapuren was op 1 hand te tellen. Dus gaf Janet een welkom rondje smarties, om de dag goed te beginnen. We konden heerlijk buiten eten aan onze pickniktafel met boerenbond kleedje (met dank aan Beppe) en verse broodjes.
De dag werd doorgenomen, allerlei redenen om niet te gaan zeilen vandaag werden op tafel gegooid. Met alle smoezen aan de verhuurder er bovenop.
Maar toen we tegen de middag eindelijk de haven bereikte.. konden we toch die hele valkjes niet vinden. Wat nu?
Dan maar met de auto naar onze lunchplek in Goingarijp. Lekker eten, zonnen en lezen op het terras. Wat waren we weer gelukkig. En onze vaste plek was ook nog eens vrij!
Tijdens een onbewaakt moment, maakte Susan zich uit de voeten om de verhuurder van het valkje te bellen: ’Sorry, we gaan het niet halen. We zitten nog steeds in Amsterdam’. ‘ O, geeft niets’, was het antwoord. ‘ Boek ik hem toch gewoon af!’. Jemig, hadden we ons daar nu zo druk omgemaakt?
Nadat het kleurtje weer was bijgewerkt en de salade ‘ Klokkenspel’ met pindasaus (een aanrader!) naar binnen was gewerkt, was het tijd om te gaan shoppen. Susan had nog een zeiljack nodig. Dus op naar onze vertrouwde zeilwinkel in Heeg.
Daar aangekomen en gesnuffeld in de uitgebreide keuze in zeiljacks, konden we de expiditie zeiljas (die al heel wat maanden duurde) weer niet met succes afsluiten. Naar deze vermoeide bezigheid, werd het toch maar es tijd om te zien of hier het terras nog bestond. Lekkur, met een bitterbal erbij. Langszaam maar zeker begonnen we wat bij te trekken van de vorige avond. Ook bij mij kon het eerste biertje weer naar binnen. Voor Janette lag het allemaal wat anders. Die verlangde hevig terug te gaan naar de hut om een uiltje te knappen.
Dus even later streken Susan en ik maar weer eens neer, aan de picknicktafel met boerenbond kleedje (inmiddels wat ranzig geworden omdat door het ongelijke tafelblad al heel wat glazen waten omgevallen), om een kaart te schrijven aan Sabine. De grote afwezig die later die week zou verjaren.
Tegen de avond stapelden donkere wolken zich boven onze hoofden samen om vervolgens te exploderen in een hevige regenbui. Tijd om weer eens te verkassen, boerenbond kleedje naar binnen en rennen naar de auto. Jannet had toch wel een speciaal verzoek om even langs beppe te rijden om de kleine nog even een nachtkus te geven. Daar aangekomen bleek Jorrit echter al op 1 oor te liggen, dus na een kleine babbeltje zetten we onze koers voort richting het centrum.
Doel was om bij Huub te gaan eten, was ik nog nooit geweest en zo konden we binnendoor meteen doorrollen naar de Tapperij.
Helaas, het was bom vol bij Huub. Dan onze kansen maar eens berekenen in de pizzeria. Oko die was vol... op een klein kelderkamertje na, waar je precies met z’n vieren aan een tafeltje kon zitten. Midden tussen de collectie kookboeken en wijnkoelers. Warm en knus genoten we van onze pizza, met een glaasje rode wijn.
Het uiltje had Janette goed gedaan, Susan en ik stortten echter volkomen in. Een kleine poging hieruit te komen, door een biertje te nemen in de 3 Zwaantjes, leverde ook niets op. Gelukkig had Janette er niet al te veel moeite mee de avond af te breken en ons weer veilig naar de hut te rijden. Met een volle maag, streken we om 11 uur dankbaar neer op ons stapelbed.
Die nacht haalden de meiden de gemiste uurtjes slaap dankbaar in. Ik werd echter voor de tweede nacht geteisterd door een over mijn hoofd scheurende mug. Gevoelsmatig heeft hij me de halve nacht liggen pesten. Van al dat woelen kreeg ik ook nog eens last van mijn rug, en toen ik eindelijk de slaapvatte droomde ik ook nog eens van de pijn in mijn rug. Totdat de mug me weer eens besloot te wekken met zijn irritantie gezoem.
Moe en onvoldaan stapte ik de volgende dag mijn bed uit. Daar mijn blaas wijgerde zich op de pot in de tent te ledigen, pakte ik mezelf in om door de regen te gaan plassen in het toiletgebouw. Onderweg meteen nog wat verse broodjes meepikkend.
Deze ochtend werd het een binnenshuisontbijt, zonder boerenbond kleedje, maar met krant. De planning was om ook even te gaan shoppen in Langweer-city. We waren de avond ervoor langs een winkel voor de hippe zeiler gelopen, waar ze mijn regenlaarzen hadden staan. Dus na het ontbijt en een kopje koffie in de Tapperij werden de minuten afgeteld totdat de winkel open zou gaan... pom pidom pidom. Zucht, nog maar een colaatje. Pom pidom pidom. Nog maar even langs de winkel van Pietie.... nog maar even een tijdschriftje kopen.
Een uur! Yes! De winkel is open. Wow, wat een leuke spullen hadden ze, duur maar hip. Helaas geen zeiljas voor Susan, maar mijn laarzen vonden mij ook leuk! Je kan er mee in de regen, op de boot , in de sneeuw en ze ademen gewoon door.
Voor de laatste poging een jas voor Susan te vinden, gingen we nog even naar de zeilwinkel richting de haven. Weinig hoopvol, we waren er al zo vaak geweest.
Maar het geluk zit vaak in een klein hoekje, want hij hing er mooi wel! Roepend naar Susan! Na een grondige passessie en een klein splitles van Janette aan de verkoopster werd het eigenaarsbewijs van de jas aan Susan overhandigd.
We dan eindelijk neerstrijken voor de lunch in de bistro naast de Tapperij (we hebben nu wel alle horeca aangelegenheden van Langweer gehad). Nou die pannekoek hadden we meer dan dik verdiend. Nog even wat lezen, en na een echt laatste kopje koffie stapten we in de middag moe maar voldaan in de bolide om Amsterdamwaards te keren...
Weer eens verlaat door werk, pikte ik Susan een uur of 6 pm en haar weekend en zeilgerei op, bij de Lierhof Inn. Tijdens de voorspoedige rit, werd er nog wat gespuid over de afgelopen werkweek, om deze perikelen vervolgens voor de rest van het weekend achter ons te laten.
Camping Blauw was snel gevonden, zo ook de heuse trekkershut die Janette had gehuurd. Gezien de weersomstandigheden was het wat abitieus in een tent te gaan camperen voor een week of 2.
De zon was met ons en Janette verwelkomde ons die avond ook met een heerlijk hapje en wijntje op het terras van haar luxe hut. Inclusief picknicktafel, voorzien van een boerenbont kleedje.
Het gekeuvel van de dames ving aan en zou pas twee dagen later, na het afscheidt verstommen.Na het voorwijntje, volgende het hoofdwijntje voorzien van een heerlijk, eigengemaakt spagetti bolognese, die Susan als vanouds gewoon aan stuk sneed. (Moet ik toch eens wat van zeggen.)
De schemering was al gevallen, toen we eindelijk de taxi wilde oproepen om ons naar Langweer-centrum te brengen, waar een feest aan de gang was ter ere van het 750 jarige bestaan van het dorp.
Dat de camping er steeds knusser uit begon te zien, was wel te zien aan de mooie foto’s die dit tafereeltje opleverde.
Nadat taxi Henk ons had afgezet en we even een klein praatje hadden gemaakt met zus Pietie, was het sein gekomen over te schakelen op een biertje.
Al hangend aan de buitenbar, Janette had inmiddels een bekende ontdekt, hoe kan het ook
anders, werden we verrast door een geweldig optreden van ons aller Albert West!Trappelend van ongeduld, schoven Susan en ik onszelf naar voren. Bang dat Janette ons kwijt zou raken. Maar het duurde niet lang voordat we joelend en juigend vooraan stonden, onze held een warm hard toedragend. Ach, hij had het nodig, we doen het graag voor een goede vriend. Wie kent hem niet, van het nummer ‘Is this the way to Amarillo’ (dat hij vervolgens ook wel 3 keer zong).
Na nog een biertje te hebben laten tappen en even gecontroleerd te hebben of Janette zich nog vermaakte tussen de locals, moesten we maar eens voort gaan de bar van de 3 zwaantjes in te nemen, 5 meter verderop.
Het was even wennen, ongeveer 5 minuten, voordat we de eerst semi-locals (mensen die een huisje hebben in de buurt en daardoor onderhand bij de bevolking wordt geteld), om onze vingers hadden gewonden.
Het bleken 2 singles uit Veenendaal, die daar niet waren voor een congres voor lange mannen. Niet de meest populaire semi’s in de kroeg, was al snel duidelijk. Een verdere verkennening, leverde nog wat Oldenzaaldenaren op. Die geweldig uit de maat konden dansen en ook best leuk waren om eens mee te kletsen. Al was het af en toe moeilijk te verstaan, door dat enorme accent. Maar schatjes waren het wel.
Inmiddels was Janette ook in de 3 zwaantjes beland, onder begeleiding van een semi-local. Gezellig keuvelend met de rest van haar oud dorpsgenoten in de kroeg, stoorde ze zich ook verder niet aan ons uitbundige gedrag.
Ach dat viel ook best mee... we konden niet zo heel erg goed uit de maat dansen.
De avond kwam tot een abrupt einde, toen we van kroeg wilden verwisselen, vergezelt van de semi’s en de Olden. De andere kroeg (jawel de Tapperij) mochten we niet meer in, terug dan maar naar de Zwaantjes... oei ook daar mochten we niet meer in.
Nou, genoeg gedronken, genoeg gekletst, genoeg gedanst? Ok, tijd voor taxi Henk. Achteraf bleek dat taxi Henk, met zijn busje, ook wel de enige taxi was in Langweer. Het duurde zo’n 3 kwartier (alhoewel daar de meningen nog over zijn verdeeld), voordat hij ons oppikte, samen met nog ontelbare andere jongelui.
Met z’n 3-en voorin, ondertussen de overbezette taxitelefoon beantwoordend , werden we gelukkig wel als eerst blauw afgezet op de camping. Met een welkome nachtrust in het vooruitschiet.
Bij het krieken van de dag, gingen de oogjes weer open. Het aantal slaapuren was op 1 hand te tellen. Dus gaf Janet een welkom rondje smarties, om de dag goed te beginnen. We konden heerlijk buiten eten aan onze pickniktafel met boerenbond kleedje (met dank aan Beppe) en verse broodjes.
De dag werd doorgenomen, allerlei redenen om niet te gaan zeilen vandaag werden op tafel gegooid. Met alle smoezen aan de verhuurder er bovenop.
Maar toen we tegen de middag eindelijk de haven bereikte.. konden we toch die hele valkjes niet vinden. Wat nu?
Dan maar met de auto naar onze lunchplek in Goingarijp. Lekker eten, zonnen en lezen op het terras. Wat waren we weer gelukkig. En onze vaste plek was ook nog eens vrij!
Tijdens een onbewaakt moment, maakte Susan zich uit de voeten om de verhuurder van het valkje te bellen: ’Sorry, we gaan het niet halen. We zitten nog steeds in Amsterdam’. ‘ O, geeft niets’, was het antwoord. ‘ Boek ik hem toch gewoon af!’. Jemig, hadden we ons daar nu zo druk omgemaakt?Nadat het kleurtje weer was bijgewerkt en de salade ‘ Klokkenspel’ met pindasaus (een aanrader!) naar binnen was gewerkt, was het tijd om te gaan shoppen. Susan had nog een zeiljack nodig. Dus op naar onze vertrouwde zeilwinkel in Heeg.
Daar aangekomen en gesnuffeld in de uitgebreide keuze in zeiljacks, konden we de expiditie zeiljas (die al heel wat maanden duurde) weer niet met succes afsluiten. Naar deze vermoeide bezigheid, werd het toch maar es tijd om te zien of hier het terras nog bestond. Lekkur, met een bitterbal erbij. Langszaam maar zeker begonnen we wat bij te trekken van de vorige avond. Ook bij mij kon het eerste biertje weer naar binnen. Voor Janette lag het allemaal wat anders. Die verlangde hevig terug te gaan naar de hut om een uiltje te knappen.
Dus even later streken Susan en ik maar weer eens neer, aan de picknicktafel met boerenbond kleedje (inmiddels wat ranzig geworden omdat door het ongelijke tafelblad al heel wat glazen waten omgevallen), om een kaart te schrijven aan Sabine. De grote afwezig die later die week zou verjaren.
Tegen de avond stapelden donkere wolken zich boven onze hoofden samen om vervolgens te exploderen in een hevige regenbui. Tijd om weer eens te verkassen, boerenbond kleedje naar binnen en rennen naar de auto. Jannet had toch wel een speciaal verzoek om even langs beppe te rijden om de kleine nog even een nachtkus te geven. Daar aangekomen bleek Jorrit echter al op 1 oor te liggen, dus na een kleine babbeltje zetten we onze koers voort richting het centrum.
Doel was om bij Huub te gaan eten, was ik nog nooit geweest en zo konden we binnendoor meteen doorrollen naar de Tapperij.
Helaas, het was bom vol bij Huub. Dan onze kansen maar eens berekenen in de pizzeria. Oko die was vol... op een klein kelderkamertje na, waar je precies met z’n vieren aan een tafeltje kon zitten. Midden tussen de collectie kookboeken en wijnkoelers. Warm en knus genoten we van onze pizza, met een glaasje rode wijn.
Het uiltje had Janette goed gedaan, Susan en ik stortten echter volkomen in. Een kleine poging hieruit te komen, door een biertje te nemen in de 3 Zwaantjes, leverde ook niets op. Gelukkig had Janette er niet al te veel moeite mee de avond af te breken en ons weer veilig naar de hut te rijden. Met een volle maag, streken we om 11 uur dankbaar neer op ons stapelbed.
Die nacht haalden de meiden de gemiste uurtjes slaap dankbaar in. Ik werd echter voor de tweede nacht geteisterd door een over mijn hoofd scheurende mug. Gevoelsmatig heeft hij me de halve nacht liggen pesten. Van al dat woelen kreeg ik ook nog eens last van mijn rug, en toen ik eindelijk de slaapvatte droomde ik ook nog eens van de pijn in mijn rug. Totdat de mug me weer eens besloot te wekken met zijn irritantie gezoem.
Moe en onvoldaan stapte ik de volgende dag mijn bed uit. Daar mijn blaas wijgerde zich op de pot in de tent te ledigen, pakte ik mezelf in om door de regen te gaan plassen in het toiletgebouw. Onderweg meteen nog wat verse broodjes meepikkend.
Deze ochtend werd het een binnenshuisontbijt, zonder boerenbond kleedje, maar met krant. De planning was om ook even te gaan shoppen in Langweer-city. We waren de avond ervoor langs een winkel voor de hippe zeiler gelopen, waar ze mijn regenlaarzen hadden staan. Dus na het ontbijt en een kopje koffie in de Tapperij werden de minuten afgeteld totdat de winkel open zou gaan... pom pidom pidom. Zucht, nog maar een colaatje. Pom pidom pidom. Nog maar even langs de winkel van Pietie.... nog maar even een tijdschriftje kopen.
Een uur! Yes! De winkel is open. Wow, wat een leuke spullen hadden ze, duur maar hip. Helaas geen zeiljas voor Susan, maar mijn laarzen vonden mij ook leuk! Je kan er mee in de regen, op de boot , in de sneeuw en ze ademen gewoon door.Voor de laatste poging een jas voor Susan te vinden, gingen we nog even naar de zeilwinkel richting de haven. Weinig hoopvol, we waren er al zo vaak geweest.
Maar het geluk zit vaak in een klein hoekje, want hij hing er mooi wel! Roepend naar Susan! Na een grondige passessie en een klein splitles van Janette aan de verkoopster werd het eigenaarsbewijs van de jas aan Susan overhandigd.
We dan eindelijk neerstrijken voor de lunch in de bistro naast de Tapperij (we hebben nu wel alle horeca aangelegenheden van Langweer gehad). Nou die pannekoek hadden we meer dan dik verdiend. Nog even wat lezen, en na een echt laatste kopje koffie stapten we in de middag moe maar voldaan in de bolide om Amsterdamwaards te keren...

1 Comments:
At 10:11 AM,
Janette said…
ik mis alleen : "in je eentje ben je geen rij" Vriendin van Pietie heeft jullie op het toilet gehoord en begon daar deze week over. Is nu al een ingeburgerd begrip in Langweer!!!!
Post a Comment
<< Home